Verhalen

‘De lift verscheen op het zebrapad tegenover de bioscoop. Ik stond als enige voor de geopende deuren. De liftboy verzocht me in te stappen’

‘Met zijn pen tikte hij elke steen even aan terwijl hij de punten hardop bij elkaar optelde. De zelfgenoegzaamheid droop ervan af.’

‘Het is de eerste mooie dag van het jaar. Een goede dag om haar nachtjapon te wassen.’

‘Heel kort zag ik mijn schaduw in het schijnsel van jouw koplampen. Daarna de klap. Ik wil niet denken aan de klap. Ik moet aan iets leuks denken.’

‘Het is nacht. Ze ligt in haar bed. Ze hoeft alleen maar te slapen.’

‘Ze had het kastje cadeau gekregen van de kinderen. Om de tijd te doden, hadden ze erbij gezegd.’